Kan een handelaar gebruik maken van de collectieve schuldenregeling?

De collectieve schuldenregeling staat niet open voor iedereen. Rechtspersonen (BVBA, GCV, VOF…) komen sowieso niet in aanmerking. Handelaars ook niet. Sommige zelfstandigen die geen handelaar zijn kunnen er wel beroep op doen, zelfs als ze zelfstandige blijven.
De regeling wordt meest gebruikt door werknemers, mensen met een vervangingsinkomen (pensioen, werkloosheidsuitkering,…), ambtenaren,…
 
Zelfstandige en handelaar worden vaak in één adem genoemd. Voor de wet zijn er wel belangrijke verschillen. Alle handelaars zijn zelfstandig, maar niet alle zelfstandigen zijn handelaars. Bijvoorbeeld, volgende beroepsactieven zijn wel zelfstandig, maar geen handelaar : vrije beroepen en bestuurders van een BVBA. (De BVBA is de handelaar, zijn zaakvoerder is geen handelaar.)
 
Handelaars kunnen pas 6 maanden na de stopzetting van hun handelsactiviteiten of 6 maanden na de sluiting van het faillissement vragen om toegelaten te worden tot de collectieve schuldenregeling.
Voor handelaars die hun schulden niet meer kunnen betalen heeft de wet de faillissementsprocedure voorzien. Ondanks zijn slechte faam, bevat de faillissementsprocedure toch een aantal elementen die handelaars kunnen aanzetten om hun schuldproblemen aan te pakken door hun boeken neer te leggen en niet te wachten tot ze in aanmerking komen voor collectieve schuldenregeling :
  • eenmanszaken kunnen verschoonbaarheid krijgen
  • kosteloze borgstellers kunnen bevrijd worden
  • de faillissementsprocedure neemt meestal 1 à 2 jaar in beslag. Collectieve schuldenregelingen duren vaak 7 jaar of meer.

Handelaars zijn overigens strafrechtelijk verplicht hun boeken neer te leggen als ze met een onoplosbaar schuldenprobleem zitten. Handelaars hebben dus geen keuze tussen faillissement en collectieve schuldenregeling.

Na een faillissementsprocedure zijn er soms nog restschulden die de gewezen handelaar nog geruime tijd achtervolgen :

Voor die ex-gefailleerden is de collectieve schuldenregeling een tweede kans om aan een schuldenvrije toekomst te werken.