Hoe kan ik bescherming vragen tegen mijn schuldeisers (‘gerechtelijke reorganisatie’) ?

De aanvraag tot gerechtelijke reorganisatie zorgt er voor dat je voor maximaal 6 maanden (verlengbaar tot 18 maanden) bescherming geniet tegen de schuldeisers. Door de opschorting van betaling moet men de schuldeisers niet meer betalen (men kan dat vrijwillig wel nog doen), terwijl de schuldeisers niet kunnen overgaan tot uitvoering van hun vordering (via beslag,…). Je bent dus tijdelijk beschermd tegen de schuldeisers.

Hoe vraag ik de gerechtelijke reorganisatie aan:
Je stapt naar de rechtbank van koophandel met een verzoekschrift om voor jouw bedrijf een 'gerechtelijke reorganisatie' te vragen. De rechter zal al binnen de 10 dagen na de neerlegging van het verzoekschrift beslissen over het verzoek, waarbij de ondernemer wordt opgeroepen en gehoord. Een vonnis komt er binnen de 8 dagen. Tijdens die periode van maximaal 18 dagen, ben je als ondernemer beschermd tegen een faillissement, tegen beslagen en tegen je schuldeisers (‘opschorting van betaling’).
 
Bij het verzoekschrift moeten alle documenten gevoegd worden die de rechtbank een zicht verschaffen over de financiële toestand (balans, jaarrekening,…). Om te verhinderen dat ondernemingen moeten wachten tot zij alle documenten hebben verzameld, krijgen zij voor documenten die meer tijd vragen (overzicht van alle schuldeisers,…) een extra termijn van 14 dagen. Wanneer deze stukken evenwel binnen deze termijn niet ingediend worden, kan de rechtbank de procedure stopzetten!
 
Wat wil ik bereiken met de gerechtelijke reorganisatie:
Bij de aanvraag moet je een keuze maken tussen drie opties, mogelijkheden die men wil verwezenlijken tijdens de beschermde periode:
1)      een 'minnelijk akkoord' bereiken met de schuldeisers (klik hier voor meer info)
2)      een ‘collectief akkoord’ of ‘reorganisatieplan’ bereiken (over maximaal 5 jaar) klik hier voor meer info)
3)      een gehele of gedeeltelijke overdracht onder gerechtelijk gezag van de onderneming of haar activiteiten aan een derde klik hier voor meer info)
 
Het is ook mogelijk één of meerdere van de drie opties te combineren. Zo kan men bijvoorbeeld voor de ene bedrijfsactiviteit kiezen voor een overdracht en voor de andere een reorganisatieplan.
 
Tijdens de opschorting kan men ook veranderen van de ene optie naar een andere. Het is wel de rechtbank die toestemming moet geven om door te gaan met een andere optie. Indien de rechtbank akkoord is kan men bijvoorbeeld na het mislukken om tot een ‘minnelijk akkoord’ te komen een reorganisatieplan of een overdracht proberen.
 
Wie de voorbije drie jaar ook al eens naar de rechtbank stapte, kan onder de rechterlijke paraplu enkel aan een overdracht werken.
 
Wat zijn de voorwaarden om de gerechtelijke reorganisatie toe te kennen:
De rechtbank zal de reorganisatie maar toekennen indien:
(1)      de continuïteit van de onderneming in het gevaar is (heden) of dreigt te komen (op termijn)
(2)      er een oplossing mogelijk is voor het (gedeeltelijke) behoud van de economische activiteit
 
Aanstelling gedelegeerd rechter:
Onmiddellijk na de neerlegging van het verzoekschrift zal de rechtbank een gedelegeerd rechter aanstellen. Die gedelegeerd rechter zal voor de rechtbank een verslag maken over de ontvankelijkheid en de gegrondheid van het verzoekschrift en toezien op de procedure en de toestand van de onderneming in moeilijkheden.
 
De gedelegeerd rechter wordt vergoed door Justitie (en dus niet door de onderneming in moeilijkheden).
 
Wat indien de aanvraag tot gerechtelijke organisatie wordt goedgekeurd:
De start van de gerechtelijke reorganisatie zorgt er voor dat men voor maximaal 6 maanden (uitzonderlijk verlengbaar tot 18 maanden) bescherming geniet tegen de schuldeisers. Door die opschorting van betaling moet men de schuldeisers tijdelijk niet meer betalen (men kan dat vrijwillig wel nog doen), terwijl men beschermd is tegen de schuldeisers:
-         er kan geen enkele tenuitvoerlegging (beslag en openbare verkoop) worden gestart of voortgezet, noch op de roerende noch op de onroerende goederen
-         de onderneming kan niet failliet verklaard worden
-         een vennootschap kan gerechtelijk niet ontbonden en vereffend worden.
 
De onderneming dient binnen de 14 dagen na het vonnis alle schuldeisers individueel op de hoogte te brengen van de opening van de procedure, met vermelding van volgende gegevens :
-         zonder vennootschap : de naam, de voornamen, de plaats en datum van geboorte, de aard van de voornaamste handelsactiviteit, de benaming waaronder die activiteit wordt uitgeoefend, het adres de plaats van de hoofdinrichting en het ondernemingsnummer van de schuldenaar in de Kruispuntbank van ondernemingen;
-         met vennootschap : de naam, de rechtsvorm, de aard van de uitgeoefende handelsactiviteit, de benaming waaronder die activiteit wordt uitgeoefend, de zetel van de vennootschap, de plaats van de hoofdinrichting en het ondernemingsnummer;
2° de datum van het vonnis dat de procedure van gerechtelijke reorganisatie opent en de rechtbank die het heeft gewezen;
3° de naam en de voornamen van de gedelegeerd rechter en, in voorkomend geval, van de gerechtsmandataris die de schuldenaar bijstaat of van de voorlopige bestuurder, met hun adres;
4° de einddatum van de opschorting en, in voorkomend geval, de plaats, dag en uur bepaald om uitspraak te doen over een verlenging ervan;
5° in voorkomend geval, en indien de rechtbank ze reeds kan vaststellen, de voor de stemming en de beslissing over het reorganisatieplan vastgestelde plaats, dag en uur.
 
 
Indien de aanvraag wordt goedgekeurd kan de onderneming eindelijk van start gaan met de gerechtelijke reorganisatie. De lopende overeenkomsten blijven verder bestaan. Toch kan de onderneming beslissen om lopende overeenkomsten niet meer uit te voeren tijdens de opschorting indien ze oordeelt dat dit nodig is in functie van het herstel of de overdracht van de onderneming. Die schuldeisers moeten dan wel behoorlijk verwittigd worden en hebben eventueel recht op een schadevergoeding.
 
Wat indien de aanvraag tot gerechtelijke reorganisatie wordt geweigerd:
Indien de vordering tot gerechtelijke reorganisatie wordt afgewezen kan men hoger beroep instellen (verzet aantekenen is daarentegen niet mogelijk). Er is wel een bindende termijn van 8 dagen (vanaf de kennisgeving van de afgewezen vordering) waarbinnen dit moet gebeuren.
 
Tot aan de uitspraak in hoger beroep blijft de onderneming beschermd tegen de schuldeisers.
 
Eventuele aanstelling van een gerechtelijk mandataris:
Op verzoek van een belanghebbende (de onderneming in moeilijkheden of een schuldeiser) kan de rechter ook een gerechtelijk mandataris aanstellen. Die aanstelling kan zowel bij het begin als in de loop van de procedure van de gerechtelijke reorganisatie.
 
In principe heeft de gerechtelijk mandataris een bijstandsfunctie, maar het is nog onduidelijk hoe dat precies zal ingevuld worden en wat zijn meerwaarde kan zijn. Enkel bij de overdracht onder gerechtelijk gezag (klik hier voor meer info) is het wettelijk verplicht een gerechtelijk mandataris aan te stellen.
 
De gerechtelijk mandataris wordt betaald door de persoon die zijn aanstelling vraagt.
 
De gerechtelijk mandataris is te vergelijken met de ondernemingsbemiddelaar, zij het dat de gerechtelijk mandataris enkel kan optreden in de gerechtelijke fase (gerechtelijke reorganisatie) en de ondernemingsbemiddelaar enkel in de buitengerechtelijke fase (zoeken naar minnelijk akkoord).