Alle inkomens van de schuldenaar moeten worden overgemaakt aan de schuldbemiddelaar. Hoe kan de schuldenaar dan overleven?

De schuldenaar ontvangt leefgeld van de schuldbemiddelaar. Er bestaan geen vaste regels voor de bepaling van het leefgeld. Dat varieert van schuldbemiddelaar tot schuldbemiddelaar.

 De wet voorziet voor personen die toegelaten worden tot een collectieve schuldenregeling minimumgrenzen voor het leefgeld. Het leefgeld moet minstens gelijk zijn aan het bedrag waarop geen beslag kan worden gelegd en dat niet kan worden overgedragen op basis van art.1409 e.v. Gerechtelijk wetboek. De schuldenaar kan schriftelijk instemmen tot minder leefgeld maar indat geval moet het leefgeld minstens gelijk zijn aan het leefloon (wat je zou krijgen van het OCMW als je geen inkomen hebt) verhoogd met de kinderbijslag.

Het leefgeld mag horen zijn maar de schuldbemiddelaar moet altijd het doel van de CSR voor ogen houden en dat is in de mate van het mogelijke de schulden van de schuldenaar af te betalen.

De schuldbemiddelaar moet tijdig het leefgeld betalen, hiervoor worden data afgesproken met de schuldenaar of worden deze bepaald in de minnelijke of gerechtelijke aanzuiveringsregeling.

Voor meer uitleg en actuele bedragen van de grenzen van het loonbeslag, zie vraag 16 van de veel gestelde vragen over faillissement. Je vindt daar ook meer uitleg over welke goederen en uitkeringen in beslag mogen worden genomen en welke niet.